Hypothenar hammer syndroom

Hypothenar hammer syndroomEen hypothenar hammer syndroom wordt gekenmerkt door pijnklachten in de pinkmuis en soms verminderde doorbloeding van de pink en ringvinger. De klachten worden veroorzaakt door een verwijding (aneurysma) van een van de twee hoofdslagaders van de hand: de arteria ulnaris.

Wat zijn de oorzaken?

Meestal wordt het aneurysma veroorzaakt door een herhaald mechanische trauma op het pinkmuis gebied. Bijvoorbeeld bij timmerlieden of tapijtleggers die hun hand veelvuldig gebruiken om even wat vast te slaan met de zijkant van de hand. De wand van de slagader kan dan beschadigd raken, met verlies van stevigheid, verwijding ((aneurysma vorming) en verhoogde kans op inwendige stolsels met bloedvat afsluiting.

Symptomen:

Kloppende, pijnlijke zwelling in de pinkmuis. Soms verschijnselen van verminderde doorbloeding van de vingers, met name de pink en ringvinger. De vingers worden bij koude gemakkelijk wit en pijnlijk. Bij een ernstige doorbloedingsstoornis, kunnen niet genezende zweertjes aan de vingertop ontstaan, en zelfs weefsel versterf (necrose).

Diagnostiek:

Het lichamelijk onderzoek levert meestal al veel informatie op. Bevestiging van de diagnose geschiedt met een vaat-echografie en een angiografie, waarbij het bloedvat en het uitstroom gebied direct wordt afgebeeld. Ook een speciale CT scan of MRI wordt gebruikt voor diagnostiek.

Behandeling:

Meestal zijn de klachten dusdanig, dat het verwijdde bloedvat operatief wordt verwijderd. Het is over het algemeen een kleine vaatoperatie, waarbij de doorgankelijkheid van het bloedvat direct wordt hersteld. Soms wordt een bloedvat transplantaat (meestal uit de onderarm) gebruikt als overbrugging. Wanneer de verwijding doorloopt tot aan aftakkende slagaders naar de vingers moeten deze soms ook worden gereconstrueerd. De ingreep is dan lastiger, vanwege de zeer geringe afmeting van de bloedvaatjes.

Aanvullende informatie:

Wanneer er een afspraak met u wordt gemaakt voor deze operatie zal er gevraagd worden of u bloedverdunnende middelen gebruikt. Soms moet de dosis worden aangepast of worden gestaakt. Na de operatie mag u de oude medicatie gewoon weer gaan gebruiken.

Nabehandeling:

Meestal wordt een gipsspalk na de operatie aangelegd. Deze wordt 10 dagen gedragen, om het bloedvat rust te gunnen voor genezing.
Meestal kost het daarna slechts enkele weken, tot een normale handfunctie is bereikt. Hand therapie is zelden nodig. De hand kan weer volledig worden belast na drie a vier weken.

Complicaties:

Zeer zeldzaam zijn plotselinge ernstige doorbloedingsstoornissen van de vingers, door een afsluiting van de herstelde slagader. Er zal dan direct opnieuw worden geopereerd, om de doorstroming te herstellen.